Kwetsbare kracht, krachtige kwetsbaarheid

Kwetsbare kracht, krachtige kwetsbaarheid… gezien worden

Als ik nu terugdenk aan hoe het met mij ging aan het begin van dit jaar (2014), dan heb ik enorme stappen gezet. Ik heb dingen gedurfd, die ik me toen nog niet kon voorstellen. Stappen die ik toen zelfs nog véél te eng vond.

Het begin

Het begon in september met de demonstratie in Den Haag. Daarop volgde in oktober het lotgenotenweekend in Hierden. En, of het allemaal nog niet eng genoeg was, gaf ik begin november samen met mijn psychologe de workshop op het symposium ‘Wat wel werkt! Hulpverlening na seksueel misbruik’.

Gezien worden

Dit alles gaat over gezien worden, wat ik heel erg eng vind, en over gehoord worden, door mijn stem te gebruiken en niet meer te zwijgen.
In de Week van Kinderen Veilig organiseerde Stichting Revief op zaterdag 22 november j.l. Reviefs Project Unbreakable. Als je een verleden van seksueel misbruik hebt kan je, wel of niet herkenbaar, op de foto met een citaat van je dader.

Voorbij de angst

Ik dacht bij mezelf: “Als ik die andere stappen kan zetten, kan deze er ook nog wel bij.” Mijn angst mag namelijk niet meer mijn leven bepalen. Ik doe iets, omdat ik het wil, i.p.v ik laat iets, omdat ik zo bang ben.
Zodoende gaf ik mij op voor de hele dag; voor de workshop ‘s ochtends en voor de lunch en de fotoshoot ‘s middags. Van te voren wist ik al precies met welke citaat van mijn opa ik op de foto wilde.

Opa’s lieve meisje

Het misbruik vond veelal in doodse stilte plaats. Tijdens het wakker worden ‘s ochtends, misbruikte hij me. Ik lag dan op mijn rug in bed. Als hij dan klaar was met mij, zei hij zachtjes in mijn linkeroor: “Je bent opa’s lieve meisje. Je mag het niet aan oma vertellen.”

De impact van het geheim

Deze twee zinnen hebben heel veel impact gehad in mijn leven. Ik heb namelijk heel lang gezwegen en ik heb het nooit aan mijn oma verteld. Pas na haar overlijden in 2012, ben ik met mijn verhaal in het openbaar getreden. En als mijn man zegt dat hij mij lief vind, kan ik daar niks mee. Als hij dit zegt tijdens intimiteit, triggert het en is het alsof ik het mijn opa weer hoor zeggen.

Ik wist niet dat je het erg vond

En dan is er nog de zin die mijn opa uitsprak op de dag dat het misbruik stopte. Hij gaf mij wederom zwijggeld en zei:“Ik wist niet dat je het erg vond.” Dacht hij nou echt dat ik het al die jaren fijn heb gevonden? Dat het oke was dat hij een klein meisje, zijn kleindochter, gebruikte voor zijn lust?

Veilig in de praktijk van de psychologe

Toen ik mij had opgegeven, kwam ik erachter dat deze dag werd georganiseerd bij praktijk Tebéyo. De praktijk van mijn psychologe. Dat gaf toen wel een heel veilig gevoel. Een vertrouwde locatie is al weer één angst minder. En de aanwezigheid van mijn psychologe maakte het minder eng zo tussen al die vreemde mensen.

Tweet-up / Face-up van lotgenoten

Wat ook fijn was, was dat er een lotgenote kwam die ik al kende via Facebook en Twitter. En er was een lotgenote die ik kende van de demonstratie en twee lotgenotes van het lotgenotenweekend. En nog een geruststelling was dat ik twee vrijwilligsters van Revief al had ontmoet op het symposium.

Nationaal Rapporteur Corinne Dettmeijer

‘s Ochtends mocht mijn man er niet bij zijn. Hij ging wandelen op het strand.
De Nationaal Rapporteur mensenhandel en seksueel geweld tegen kinderen, Corinne Dettmeijer, opende deze dag met een indrukwekkende toespraak. Iemand van Revief leidde vervolgens de dag in.

Ik voel me verloren, de workshop gaat grotendeels aan me voorbij

Voor de workshop werden we ingedeeld in groepjes. Op dat moment voelde ik me al aardig verloren en wist me daar niet goed raad mee. De bedoeling was om met elkaar te delen welke citaat je wilde opschrijven en wat de impact van deze woorden was in je leven. En, om elkaar te helpen als je er niet uitkwam. Mijn tekst was te lang, dus kreeg ik toestemming voor twee foto’s. Verder heb ik eigenlijk weinig van de workshop meegekregen, omdat ik steeds meer dissocieerde en daardoor niks wist te zeggen.

Gedissocieerd, onveilig… gezien worden door de psychologe

Na de workshop was het tijd voor een heerlijke, goed verzorgde lunch. Ik had alleen een probleem. Door het dissociëren zat mijn keel dicht. Ik voelde me niet veilig meer en had het gevoel dat ik geen kant opkon. De eerste sandwich at ik staande bij de open voordeur op. Daar was het iets rustiger. Toen ik mijn tweede sandwich had gepakt, ging het ondertussen nog slechter met me. Gelukkig zag mijn psychologe mij in de hal zitten en zag ze aan me dat het mis ging. Ze nam me mee haar kamer in. We gingen op de bank zitten en ik begon te huilen. Mijn psychologe troostte me en gaf me uitleg. We waren met veel mensen in een kleine ruimte. Iedereen droeg een zware energie bij zich en wilde graag zijn of haar verhaal doen. Ik ben daar gevoelig voor en daardoor werd me dat te veel. Ik mocht rustig bij haar verder eten, dat was fijn. Gelukkig maar dat het bij haar georganiseerd was!

Houvast aan mijn man

Na de lunch kwam mijn man, want hij mocht er bij de fotoshoot wel bij zijn. Ik was blij dat hij er was. Dat gaf mij een hoop houvast. Iedereen mocht zijn tekst opschrijven en kreeg daar alle tijd en ruimte voor. Ondertussen bleven wij in de hal, omdat het daar rustiger was. Ik schrok heel erg toen er een lotgenote tussen twee anderen in voorbij kwam en deze in het gangetje bij de voordeur stampend ging staan springen en schreeuwen. Ik deed gauw de tussendeur dicht, want ik vond dit behoorlijk heftig en best wel eng. Zoiets had ik niet verwacht bij zo’n dag als deze.

De tekst inkorten en op de foto

Ondertussen ging iedereen om beurten op de foto.
Ik wilde eigenlijk heel graag al mijn tekst bij elkaar houden. Mijn psychologe zei dat dit ook zo bij mij hoorde. Een lotgenote van het lotgenotenweekend heeft mij toen geholpen om de tekst in te korten. Dat ervaarde ik als heel fijn.

Het fotomoment

En toen was daar mijn fotomoment. De foto was snel gemaakt en ik voelde er helemaal niks bij. Terug in de hal vroeg iemand van Revief aan mij:”En? Hoe was het? Ik had geen idee wat ik moest zeggen. Ik had gelezen dat het helend zou werken. Mijn hoofd had blijkbaar iets raars bedacht. Namelijk dat ik me anders zou voelen, na het nemen van de foto. Ik verwachtte blijkbaar een fijn of goed gevoel. Maar, ik voelde helemaal niks en er was niks veranderd!

‘s Nachts schreef ik dit gedichtje:

Als een puur kind zo vrij…

Alleen huilen, tranen in de nacht
Geen liefdevolle armen om me heen, warm en zacht
Mijn gevoel, niet meer door dissociatie verdooft
Niet tegen een veilige schouder met mijn hoofd

Wanneer mag ik eindelijk leven?
Met mijn dader’s woorden op de foto,
het kind en de puber in mij een stem gegeven
Hoor je mij? Zie je mij?
Stapje voor stapje, soms al een grote stap
En hopelijk op een dag,
Als een puur kind zo vrij

M.A

De foto komt binnen

gezien worden: Monique Amber op de foto bij Project Unbreakable

Dat ben ik die daar staat 

 

Een aantal dagen later kreeg ik de foto per mail toegezonden. Via een programma kon ik het downloaden. Dit voelde opeens heel eng en confronterend. Ik voelde de tranen branden achter mijn ogen. Omdat mijn partner er bij stond, tijdens het opslaan op de computer, schakelde ik automatisch mijn gevoel uit. Daarna nam ik even de ruimte voor mezelf. Ik voelde heel veel spanning in mijn lichaam. Ik voelde me van slag en de tranen zaten hoog. Ik moest steeds naar de foto kijken.

Gezien worden en het zwijgen doorbreken

De foto gaat over gezien worden. Over het zwijgen doorbreken. Eigenlijk heeft mijn opa deels zijn zin gekregen. Mijn oma is dood en ik heb het haar nooit verteld. Het moeilijke is dat hij niet meer leeft. Ik kan hem hier niet meer mee confronteren. Ik kan wel voor mezelf het zwijgen doorbreken. Vertellen hoe eng en naar het was. Mogen gezien en gehoord worden!
Gezien worden is zó eng. Niet meer zwijgen is eng. Dat maakt van alles los. En ik besef nu dat dit het helende is van Project Unbreakable.

Dank aan Stichting Revief

Het was een bijzondere en indrukwekkende dag. Ik ben blij dat Stichting Revief dit soort dagen voor lotgenoten organiseert. Het enige nadeel van deze dag was dat de ruimte te klein was. Wat zou ik dan een fijne ruimte vinden? Ik heb hierover nagedacht. Ik denk dan aan een grotere zaal met daarnaast nog een aantal kleinere ruimtes, zoals bijvoorbeeld een school. Zodat er ruimte is voor een rustige plek, waar je even kan bijkomen.

M.A

Monique Amber

Hoe maak je contact met iemand die dissocieert?

De vraag van Michel: Hoe maak je contact met iemand die dissocieert?

sla macro-opname Deze vraag stelt Michel als partner van iemand die seksueel misbruikt is, maar ook hulpverleners kunnen met deze vraag worstelen. Maar al te vaak wordt dissociatie niet tijdig gezien of weten hulpverleners niet hoe ze met iemand die dissocieert om moeten gaan.

Informeer jezelf over Trauma

Door te weten hoe trauma werkt en dat het er is, kun je er rekening mee houden. De Amerikanen noemen dit ‘Trauma Informed Practice’ oftewel TIP. TIP betekent weten dat het trauma bestaat en hoe dat er uitziet. Zorg dat je een algemeen begrip krijgt van waar je mee te maken hebt, als iemand seksueel misbruikt is. Het gedrag dat het resultaat is van seksueel misbruik is heel divers. Dissociatie is maar één van de verschijnselen waar je mee te maken kunt hebben. In mijn boek ‘Helen van seksueel misbruik. Het trauma voorbij’ geef ik onder andere een aantal afweermechanismes weer, met wat voorbeelden van hoe dat er uit kan zien.

Benoem als je ziet dat iemand dissocieert

Soms weten mensen heel goed dat ze dissocieren, maar soms gebeurt het zo snel dat hij of zij het zelf niet eens echt door heeft. Door het te benoemen kun je hier meer bewustzijn op krijgen, van beide kanten. Als je ziet dat iemand afwezig lijkt kun je vragen: ‘Ben je er nog?’ Voor anderen werkt directief toegesproken worden goed: ‘Hier blijven! Niet dissociëren.’ Als je niet zeker bent kun je vragen: ‘Het lijkt of je dissocieert, klopt dat?’

Weet dat er angst is als hij of zij dissocieert

Je vriend of vriendin dissocieert niet voor niets. Soms is er op het oog niets aan de hand, maar voor degene die dissocieert, is dat heel anders. Iets uit het verleden wordt aangeraakt en daardoor is er grote paniek. Dissocieren is een vlucht uit een situatie die een ernstige bedreiging vormt. Bij iemand met een verleden van seksueel misbruik volgt een dissociatie vaak op een trigger die wijst naar een herinnering aan het misbruik. De bedreiging vanuit die herinnering is levensecht, zelfs als het vanuit jou, als volwasssen bijstander, volstrekt onlogisch lijkt. Neem de angst serieus en bagatelliseer ze niet.

Bevestig dat je er voor hem of haar bent

Ook als je denkt dat de ander jou niet meer ziet en hoort, blijf signalen geven dat je er bent en dat je positief betrokken bent. Op het moment zelf helpt het om dingen in het hier en nu op te noemen. Je naam is… . Je bent … jaar oud. Je zit op een rode stoel. Er branden drie kaarsen. Je bent in het hier en nu veilig. Blijf desnoods herhalen en vraag om reactie. Kun je mij horen. Daag hem of haar uit om rond te kijken: ‘Zie je iets roods in de kamer?’

Maak een plan voor als hij of zij dissocieert

Zoek samen naar dingen die helpen, want dat is niet voor iedereen hetzelfde. Voor sommige mensen is oogcontact zoeken heel helpend, voor anderen kan het fijn zijn als je even weg gaat en weer een derde heeft er baat bij om iets héél anders te gaan doen, afwassen bijvoorbeeld, omdat je dan langzaam je handen weer gaat voelen. Wat voor de één goed werkt hoeft voor de ander niet te werken, het ligt vaak aan de situatie rondom het misbruik. Als de ander het onderscheid tussen het hier en nu en het toen en daar weer kan ervaren, dan kan hij of zij ook terugkomen uit de dissociatie.

Maak afspraken over fysiek contact

Waar je bij ieder ander al snel een arm om een schouder heen slaat, is dit bij mensen die seksueel misbruik hebben meegemaakt soms erg bedreigend. Vermijd onverwacht fysiek contact, maak er met je partner afspraken over en spreek met elkaar door wat wél en niet handig is daarin. Als er voor de veiligheid, in de actuele situatie, fysiek contact gemaakt moet worden, kondig het aan, vraag zo mogelijk toestemming of vertel erbij waarom je doet wat je doet. Kort en bondig. ‘Voor je eigen veiligheid ga ik je nu bij je arm pakken en van de autoweg af loodsen’.

Je partner als informatiebron

Wanneer je partner regelmatig dissocieert, is hij of zij de enige juiste bron van informatie over hoe te handelen, wanneer hij of zij dissocieert. De vuistregels die ik hier heb gegeven zijn heel algemeen en helpen je om te kijken in welke richting je naar oplossingen kunt zoeken. In het algemeen gesproken is het ondoenlijk om alle triggers die tot dissociatie leiden te vermijden. Bespreek na een periode van dissociatie met elkaar wat tot de dissociatie heeft geleid en kijk of je met elkaar tot een plan van aanpak kunt komen om een volgende keer je partner terug te halen uit de gedissocieerde staat.

Zorg goed voor jezelf

Helaas vergeten partners nogal eens om goed voor zichzelf te blijven zorgen. Dan komt er een burn-out bij kijken of partners raken op termijn zo gefrustreerd dat ze boos worden op hun lief of op hun lot. Blijf voor jezelf ook ontspannende dingen doen. Zorg dat je contact houdt met je vrienden en familie als dat voor jou goed voelt. Zoek, als dat nodig is, tijdig ondersteuning voor jezelf. Omgaan met seksueel misbruik is niet alleen voor degene die het heeft meegemaakt traumatisch. Het getuigt van zelfrespect als je hulp zoekt bij het omgaan met deze moeilijke situatie.

Hulp voor partners

Tot voor kort was er weinig hulp voor partners van mensen die seksueel misbruikt zijn. Inmiddels heb ik daarover een boek geschreven getiteld ‘Partners in beeld’. Dit is te koop via de boekenwinkel

De tip van Angelique hieronder is heel relevant!

Een medisch ID kan alle informatie over wat jou helpt tijdens je dissociatie bevatten. Op die manier weet niet alleen je partner wat hij/zij moet doen, maar kan elke hulpverlener bij de juiste informatie.

 

ACE: Adverse Childhood Experiences. Een belangrijk onderzoek

Wat de ACE studie zo uniek maakt

NEK's en hun samenhang met levensproblemenDe ACE studie (Adverse Childhood Experiences = Negatieve Ervaringen in de Kindertijd) door o.a. Vincent Felitti, is een grootschalig onderzoek over langere periode geweest, waarin is gekeken naar niet alleen seksueel misbruik, maar alle jeugdtrauma’s en hun samenhang! In plaats van alleen naar enkelvoudig trauma te kijken, hebben ze kwantitatief onderzoek gedaan. Hoeveel trauma’s loopt een kind op? En wat is het effect van stapeltrauma’s.

Wat hebben ze gedaan?

Ze hebben meer dan 17.000 deelnemers over tientallen jaren gevolgd en gelet op het vóórkomen van ACE: Negatieve Ervaringen in de Kindertijd. Daarvan is seksueel misbruik er één, maar bijvoorbeeld ook geweld in het gezin, gepest worden op school, een ontbrekende ouder, een gehandicapt broertje of zusje, de dood van een gezinslid of een ernstig ongeval. De tien meest voorkomende ACE’s hebben ze in het onderzoek betrokken.

De uitkomst is schokkend en verhelderend

Wanneer je één traumatische jeugdervaring hebt, dan kom je daar meestal wel goed doorheen. Dit heeft weinig effect op je vatbaarheid voor ernstige, levensbedreigende ziekten, kanker, hartaanval, diabetes etc… Heb je er twee meegemaakt, dan heb je op al deze ziekten al een iets grotere kans. Heb je 3 of meer trauma’s opgelopen, dan stijgt de kans op deze ernstige ziekten exponentieel! Een schokkende uitkomst.

Een 30% grotere kans op een kanker?

Wat betekent dat nou echt dat je, als je drie trauma’s hebt opgelopen in je jeugd, je een 30% grotere kans hebt op een kanker, chronische bronchitis en longemfyseem of hartproblemen (of bij 4 zelfs 45% grotere)? Ja, dat is wat het betekent. En dan heb ik het maar niet over psychische problemen, chronische hoofdpijnklachten, auto-imuunziekten en legio andere ziekten die niet direct levensbedreigend zijn, maar wel nadrukkelijk invloed hebben op de kwaliteit van leven.

Seksueel misbruik komt zelden alleen

Ik werk nu al enige tijd met mensen die seksueel misbruikt zijn en het valt me op dat seksueel misbruik bijna altijd één van meerdere traumatische jeugdervaringen is. In een gezin waar seksueel misbruik plaatsvindt, is vaak meer mis dan alleen het misbruik. Geweld komt veel voor. Een ontbrekende moeder of een echtscheiding. Als het seksueel misbruik uitkomt, is er soms sprake van een uithuisplaatsing, wat ook een traumatische ervaring is. Kortom: seksueel misbruik is vaak een onderdeel van een diversiteit aan trauma’s. En daarmee wordt het risico op diverse levensbedreigende ziekten dus exponentieel groter.

Het goede nieuws

Het goede nieuws in deze berg ellende is, dat het nu duidelijk en bekend wordt dat traumatische ervaringen in de jeugd een grote bijdrage leveren aan latere fysieke ellende. De organisatie waar Vincent Felitti werkt, Kaiser Permanente, is één van de grootste ziektekostenverzekeraars in Amerika. Dat betekent dat zij er financieel groot belang bij hebben dat traumatische ervaringen in de jeugd teruggedrongen worden.

Het terugdringen van jeugdtrauma’s hoog op de agenda

Niet voor niets zien we hooggeplaatste mensen, tot de president aan toe, zich in Amerika ineens uitspreken tegen seksueel misbruik en huiselijk geweld. Vanuit een menselijk, medelevend aspect is dat een zinvolle actie en vanuit financieel oogpunt een verstandige. Verzekeraars hebben er dus groot belang bij om seksueel misbruik terug te dringen. Daarmee hebben we een (kapitaal)krachtige medestander gevonden in de preventie van seksueel misbruik.

Zojuist gevonden, een TED-talk over de NEK/ACE studie

Onderzoek naar angsten bij seksueel misbruik

Volstrekt onwetenschappelijk onderzoek naar angsten

Allereerst maar een disclaimer. Ik ben geen wetenschapper van mijn beroep. Ik weet wel het één en ander van statistiek en van onderzoek, maar ik heb geen fondsen noch de intentie om wetenschap te bedrijven. Ik weet wél waar ik nieuwsgierig naar ben en dat is: Klopt het dat de angsten die ik noem in de Zelftest op deze website, vaak of vaker voorkomen bij mensen die seksueel misbruik hebben meegemaakt, dan bij mensen die die ervaringen niet hebben. Dus dat heb ik onderzocht.

Wat ik van te voren dacht over angsten

Mijn intuïtie zegt dat mensen met seksueel misbruik ervaringen vaker last hebben van angsten (en dan met name de 12 angsten die ik in dit onderzoek heb betrokken). Mijn ervaring als coach is, dat in elk geval mensen met seksueel misbruik ervaringen deze angsten vaak hebben en er veel last van hebben. Maar daarmee is het nog geen wetenschap. Dan heb je ook nog een controlegroep nodig, die laat zien dat mensen zonder seksueel misbruik ervaringen géén of minder last hebben van deze angsten.

Angsten die ik onderzocht heb

De vragen die ik in het onderzoek gesteld heb, vind je op deze pagina. Ik heb het onderzoek in januari online gezet en zojuist gesloten. In die tijd hebben 79 mensen de test ingevuld. Daarvan gaven 8 aan niet misbruikt te zijn, 9 gaven aan dat ze het niet weten en 62 mensen gaven aan dat ze misbruikt zijn. Daarmee is het natuurlijk geen representatieve doorsnede van de bevolking. Maar ik ga aan het werk met de gegevens die ik heb, om op basis van percentages de resultaten te vergelijken en er voorzichtige conclusies aan te verbinden.

De resultaten in een notendop

De grote lijn heb ik in een samengestelde grafiek geplaatst. Ik heb alle antwoorden bij elkaar opgeteld en de percentages uitgerekend van het aantal mensen dat aangeeft nooit, af en toe, regelmatig of bijna altijd last van één van die 12 angsten te hebben. Op de verticale as staan de percentages, van links naar rechts, de antwoorden.

1 = nooit    2 = af en toe   3 = regelmatig     4 = bijna altijd

Mensen die aangaven níet seksueel misbruikt te zijn

grafiek 1 geen misbruik
Mensen die aangaven niet te weten of ze seksueel misbruikt zijn

grafiek 2 weet het niet

Mensen die aangaven seksueel misbruikt te zijn

Grafiek 3 misbruikt

 Wat opvalt in deze grafieken

Wat meteen opvalt in deze grafieken is dat er een duidelijk verschil is tussen deelnemers die niet seksueel misbruikt zijn en de deelnemers die seksueel misbruik hebben meegemaakt. De deelnemers die seksueel misbruikt zijn, hebben gemiddeld veel meer last van angsten. Met name in de hoogste categorie, ‘bijna altijd’ is het verschil groot: 18 procent, versus 4 procent in de ‘controlegroep’. Ook zie je bij de mensen die hebben aangegeven niet te weten of ze seksueel misbruikt zijn, dat zij gemiddeld meer last hebben van de angsten uit dit onderzoek, dan mensen uit de ‘controlegroep’. Het onderzoek lijkt dus mijn intuïtie en ervaring te bevestigen: mensen met seksueel misbruik ervaringen hebben gemiddeld vaker last van deze 12 angsten. Het zou mooi zijn als daar een keer een wetenschappelijk onderzoek naar gedaan zou worden, ik ben benieuwd of dat deze resultaten zou bevestigen.