Misbruik en een eetstoornis – gastblog Jessica

Misbruik en een eetstoornis

‘Forests decay, harvests perish, flowers vanish, but grass is immortal (Bossen vergaan, oogsten bederven, bloemen verwelken, maar gras is onsterfelijk)’ – John James Ingalls

 

Bomen, oogst en bloemen

donker roze bloesem, foto van Agnes van der GraafIk loop zacht door het vervallen landschap en hoor het uitgedroogde gras, wat al een hele tijd niet meer groen is, knisperen onder mijn voeten. Hier en daar ligt een omgevallen boom, de landbouwgrond is kaal en waar ooit bloemen stonden staat alleen nog een enkele verdorde bloemknop. Ik zie voor me hoe het was: imposante bossen, volle gewassen en prachtige bloemen. Ik had er zo mijn best op gedaan, al mijn energie erin gestoken en gedacht dat het goed ging. Totdat ik een klein steekje liet vallen, waardoor alles onder mijn ogen verging. Er was geen gras om de schade op te vangen.

De invloed van misbruik

Gras is de basis waarop de rest groeit, de basis waar je op terug kunt vallen als het met anderen dingen niet goed gaat. Mijn gras heeft er nooit goed bijgestaan. Er zaten altijd meer kale en droge plekken in dan dat er groen te zien was. Tijdens het misbruik verdwijnt ook de laatste groen plek. Iemand vergiftigt mijn gras, waardoor er geen grasspriet meer omhoog kan komen. Mijn laatste stukje veilige basis verdwijnt.

Mijn eetstoornis

Ik wil niet zien wat er met mijn gras aan de hand is en vlucht weg in anorexia. Ik ervaar controle die ik elders mis. Ook is het een manier om alle verwarrende en ingewikkelde emoties niet te ervaren, omdat ondergewicht en nauwelijks eten emoties afvlakt. Bijkomend voordeel is dat mijn vrouwelijke vormen verdwijnen. Dat geeft me een gevoel van veiligheid. Ik denk mijn gras niet meer nodig te hebben.

Ontwijken

Een jaar nadat mijn eetstoornis mijn leven binnensloop (nu 5 jaar geleden) ga ik in therapie, maar het helpt niet. Ik zak dieper en dieper weg. Totdat ik me besef wat ik fout doe. Ik steek al mijn energie in bossen, oogst en bloemen. Ik denk mijn problemen op te lossen door het op andere gebieden zo goed mogelijk te doen. Ik doe mijn best op school, heb een bijbaantje en doe alles om iedereen in mijn omgeving maar tevreden te houden. Ik ontwijk op die manier waar het echt om gaat. Maar de bossen breken af, de oogst gaat verloren en de bloemen verdwijnen. Op de kaal geworden grond staat niets en ik stort in.

Aandacht voor de oorzaak

Nu doe ik het anders. Ik laat de bossen, de oogst en de bloemen even voor wat ze zijn (niet helemaal, want ze houden me ergens nog wel overeind) en ik steek mijn energie in mijn gras. Het gras laten groeien staat bij mij voor aandacht geven aan de oorzaken van mijn eetstoornis. Het seksueel misbruik wat ik heb meegemaakt is daar één van.

Onsterfelijke basis

Gras lijkt misschien op het eerste gezicht minder belangrijk dan bomen, oogst en bloemen, maar het is oneindig veel waardevoller. Het is je vangnet en vanuit het gras kunnen ook weer nieuwe dingen worden op gebouwd. Sommige dingen zijn tijdelijk, sommige dingen staan iets langer, maar op het gras kun je vertrouwen. Het zal niet vergaan. Als je het er eenmaal mooi bij hebt staan en goed onderhoudt, is gras onsterfelijk.

Lang gras…

Ik voel de stilte terwijl mijn hand door het lang geworden gras strijkt en de sprietjes tussen mijn vingers kriebelen. Dagen heb ik bij ik het gras gewaakt. De koeien met hun hongerige blikken heb ik weggejaagd en toen het weken niet regende heb ik het gras mijn laatste water te gegeven. Ik heb voor vogelverschrikker gespeeld om de ganzen weg te jagen en ik heb er zelfs tegen gepraat als niemand keek. Af en toe komt er een boom, een graanplant of een bloem omhoog en die zijn ook belangrijk. Maar het allerbelangrijkst is mijn basis: het gras.

…is mijn toekomst

Met een schok ontwaak ik uit mijn dagdroom en kom weer in het nu terecht. Nog steeds zie ik verdord gras, omgevallen bomen, kale landbouwgrond en uitgebloeide bloemen. Maar in de toekomst staat mijn gras er mooi bij, ik weet het zeker.

 

Jessica’s eigen blog staat hier: Uit het donker

De verwerking van het misbruik – gastblog Jan van Gijn

Mijn seksueel misbruik-verwerking

Jan van Gijn, gastbloggerMijn vorige twee blogs gingen over de verwerking van mijn eerste trauma’s: afwijzing en emotionele verwaarlozing. Dat is voor mij een min of meer afgerond verhaal: alle puzzelstukjes liggen min of meer op de goede plek, ook emotioneel.

Met de puzzel van het seksueel misbruik dat mij is aangedaan, ben ik nog niet zo ver. Deze blog wordt dan ook geen afgerond verhaal, maar is meer een losse verzameling ervaringen, vragen en gedachten.

Oorzaak en gevolg

Een pedofiel in een kinderrijke buurt, dat is de kat op het spek binden. Sexueel misbruik is in 1955 een onbekend begrip. Alle ouders uit de straat zijn naïef op dat punt en vinden het prima, dat hun kinderen bij de buurman in en uit lopen en dat hij af en toe wil oppassen. En een gevoelig jongetje, wat hongert naar aandacht, naar vriendelijke woorden en gebaren, is een gemakkelijke prooi voor hem. Natuurlijk kan de pedofiel de verleiding dan niet weerstaan en grijpt hij zijn kans. Het zou raar zijn, als hij dat niet deed.

Rationaliseren als tussenstap

Zo’n rationele gedachte maakt niet, dat ik voorbij mijn trauma kom, maar maakt het wel wat gemakkelijker voor mij, om de gruwelijke beelden te herbeleven. Het is voor mij een tussenstap.

Zijn de gevolgen van seksueel misbruik onzichtbaar?

Welnee: ik krijg zweren, ga zwerven en wordt onbereikbaar en vreemd, schoolziek en overgevoelig voor van alles en nog wat. Er is alleen een andere verklaring dan seksueel misbruik voorhanden. Het wordt daardoor verkeerd geïnterpreteerd: die vreselijke juffrouw uit de tweede klas, waar mijn ouders toch al zo’n hekel aan hebben, krijgt de schuld. Begrijpelijk, maar wel een misser met grote gevolgen.

Hoe heeft het misbruik mijn leven beïnvloed?

Ik heb al mijn problemen altijd toegeschreven aan mijn afgewezen en verwaarloosd zijn. Ik had er immers geen idee van, dat ik ook misbruikt was. De therapeuten en opleiders, die ik bezocht, bevestigden mij helaas in dit idee.

In mijn man-zijn aangetast

Nu ik weet, dat ik misbruikt ben, kan ik er opnieuw naar kijken. Het eerste wat ik dan zie, is dat mijn mannelijkheid door het misbruik is afgepakt. Mijn mannelijke daadkracht ging ondergronds: woede, kracht, assertiviteit, weerbaarheid, maar ook het initiatief nemen, competitief zijn en mijn seksualiteit. Die agressie was al zwak doordat ik er niet mocht zijn, maar dit was de genadeklap.

Een tekening

Een tekenopdracht tijdens mijn opleiding psychosynthese: “teken je lichaam, zoals je het nu beleeft”.

‘Ik teken een mannetje met kleurloze armen en benen en een kleurloos hoofd. Er zit geen leven in. Hij heeft geen geslacht. Zijn romp teken ik groot en bolrond. Ik kleur het in met felle rode kleuren: het vuur van een vulkaan, die op uitbarsten staat. Echter: het vuur kan nergens heen, want ter hoogte van mijn keel teken ik een zware zwarte putdeksel, waar geen beweging in te krijgen is.’

 

Isolement

Door het misbruik ga ik emotioneel op slot. Zeker in mijn puberteit houd ik gewoon op, om te voelen. Ik ben ook zeer op mijn hoede en ben zeer afwerend. Door mijn afgewezen zijn voel ik me buiten het gezin gesloten, door het misbruik sluit ik mijzelf van hen af. Dit isolement ervaar ik achteraf niet alleen als negatief. Het spoort mij aan, om mijn eigen weg te zoeken.

Waarom bleef mijn misbruik zo lang onbewust?

Deze vraag intrigeert me. Zesenvijftig jaar duurt het en dat is toch ongewoon, zelfs voor zo’n heftig trauma als seksueel misbruik. Dat moet iets met mijzelf te maken hebben, want mijn misbruik duurt niet zo lang en ik was niet extreem jong.

Antwoord 1: expert in ontkenning

Ik ben heel goed in ontkennen, onderdrukken, bagatelliseren, niet voelen, rationaliseren. Dat is me met de paplepel ingegoten, al voor ik seksueel misbruikt werd. Die vaardigheid heb ik vrijwel meteen toegepast op mijn misbruikervaring. Ik heb het heel diep weggestopt.

Antwoord 2: vermijding door hard werken

Door mijn harde werken gaf ik de beelden van mijn misbruik geen ruimte om te voorschijn te komen. Het is net als met oorlogstrauma’s: die komen ook vaak pas te voorschijn na het pensioen.

Ontkenning, ontkenning en meer ontkenning

Mijn jongere broer is ook seksueel misbruikt door de buurman. Bij hem komt het veel eerder naar buiten dan bij mij: hij is dan eind veertig. Als hij zijn misbruik aan ons, zijn familie, vertelt, kan geen van ons dit horen. Ik zelf ook niet. Hij moet het een aantal keren vertellen, voordat het überhaupt doordringt.

Jarenlange ontkenning

Ik betrek wat mijn broer vertelt totaal niet op mijzelf. Ook als mijn vrouw een vermoeden uitspreekt, dat ik ook seksueel misbruikt ben, blijf ik dat jarenlang ontkennen. Pas als ik er echt niet meer om heen kan (dat beschrijf ik in een volgende blog), wil ik het echt weten. Dan komen de beelden vrij snel.

Herbeleving van het seksueel misbruik

Als de beelden van het seksueel misbruik komen, voel ik een snelle opeenvolging van allerlei emoties, maar al snel overheerst de woede, die al mijn andere gevoelens wegvaagt. Die woede blijft een week.

‘Ik verscheur de man, vertrap hem, steek zijn ogen uit, ruk zijn tong uit, trap hem in zijn buik en ballen, bijt zijn penis af, ruk zijn ballen er af, scheur en snijd hem in duizend stukken, bespuug hem, scheld hem verrot. Ik wil hem vernietigen, keer op keer op keer, tot er helemaal niets meer van hem over is.’

Mijn jarenlang opgekropte woede, haat, wraak moet er uit, ik kan het niet stoppen, ik wil dat ook niet. Mijn woede, haat en wraak zijn immers volledig gerechtvaardigd. Ik sta in mijn recht. Mijn woede blijft nog maandenlang vlak onder de oppervlakte smeulen en vlamt regelmatig op.

Wie vertel ik het?

Aan mijn vrouw kon ik mijn verhaal prima kwijt. Zij wist het eigenlijk al lang. Ik ga ook vrijwel direct naar mijn eveneens misbruikte broer. Dat is helend. Hij luistert, troost me en geeft me adviezen. Onder andere het advies dat ik selectief moet zijn tegen wie ik het zeg. Hij heeft destijds vele kwetsende, botte reacties gehad. Tegen mijn verwachting in kan ik mijn verhaal ook goed bij mijn moeder, broers en zus kwijt. Niet, dat ze me begrepen, maar ze probeerden echt te luisteren en vonden het rot voor mij. Dat geldt ook voor de weinige vrienden aan wie ik het vertelde.

Heling komt als vanzelf

Volgens mijn therapeut zal mijn bevroren emotionele, sociale en seksuele ontwikkeling nu vanzelf op gang komen. Volgens hem heb ik daar geen hulp bij nodig. En dat lijkt ook te gebeuren. Het duurt een paar maanden, maar dan komt mijn seksualiteit op gang. Ik word weerbaarder en assertiever.

Ik krijg de ene helende droom na de andere

Ik droom, dat ik met mijn vrouw op een groot plein staan. Het plein is helemaal schoon gemaakt. Wij staan naast een enorme ton, waar een grote olifant in zit: de last, die ik mijn hele leven meegesleept heb. Een eindje verder op het plein staat een grote put. Samen met mijn vrouw slepen we de ton met de olifant naar de put en gooien hem er in. We kijken over de rand van de put en zien de olifant en de ton verdwijnen. Even later gaat het water enorm bruisen en schuimen en duikt er een prachtige jonge vrouw op. Ik weet: dat is Eos, de godin van de dageraad. Zij staat voor een nieuw, fris begin, voor wedergeboorte.

Vallen en opstaan

Daarna glipt alle vooruitgang door mijn vingers weg. De reden is een energievretende verhuizing in twee etappes. Mijn heling stopt gewoon een jaar. Maar als we een beetje op orde zijn, barst het weer los.

Mijn stem bevrijden

Ik ga naar een stemtherapeute. Ik wil van mijn zachte, afgeknepen stem af. Ik weet: dat is niet mijn stem. Ik wil mijn stem bevrijden. Ik zing bij haar, steeds harder, ga schreeuwen en huilen en kronkel over de grond van ellende. Daarna voel ik me wekenlang intens eenzaam en verdrietig. Ik weet: ‘zo heb ik me gevoeld in de weken na het misbruik’. Ik voel het weer: ‘ik kon nergens terecht’.
Later volg ik bij haar een vierdaagse workshop. Op de laatste middag zeg ik: ik ben kracht. Dat voel ik ook. En ik heb mijn volle stem weer terug.

Conflict met de buurman: ik word getriggerd!

In diezelfde tijd krijg ik een conflict met een buurman(!) over een schutting. Het is een imposante, agressieve man. Hij lokt me in zijn tuin en scheldt me dan helemaal verrot. Ik ben verlamd van schrik. ik voel me slecht en totaal weerloos. Ik voel: ‘ik moet hier weg’, maar ik kan het niet.Het al een half uur verder als het me eindelijk lukt om weg te gaan. Ik ben totaal van slag.

Angst, weerloosheid en machteloze woede

Twee weken later herhaalt het zich op precies dezelfde manier. Ik voel angst, machteloze woede, kan er wekenlang nauwelijks van slapen. Ik zoek hulp. Ik zie, dat het niet alleen een agressieve, maar ook een heel bange man is. Ik neem afstand van hem en dat geeft mij rust. Ik realiseer me, dat ik iets dergelijks de afgelopen jaren vaker heb meegemaakt met oudere dominante mannen.

Symposium ‘Wat wél werkt’

Ik lees het boek van Ivonne en ga naar het symposium in Zutphen over seksueel misbruik. Er gaat een wereld voor mij open. Ik leer dat het trauma van seksueel misbruik zich niet beperkt het misbruik zelf, maar een heel palet aan diepgaande gevolgen met zich meebrengt.

Een feest van herkenning

Het boek en symposium is voor mij een feest van herkenning. Ik voel in de zaal, dat er ook een leven mogelijk is na het misbruik. Dat het te helen is. Er heerst daar een vitale sfeer, die mij hoop en moed geeft.

Nieuwe herbeleving van het seksueel misbruik

Onlangs kreeg ik een nieuwe genuanceerdere herbeleving.

‘Ik voel hoe weerloos en willoos ik ben, als de buurman mij in zijn keuken lokt. Ik voel mijn alertheid groeien als ik merk, dat er iets raars aan het gebeuren is.’

Daarna is er een gat in mijn herinnering: geen beelden, geen gewaarwordingen, geen gevoelens. Ik verdwijn, zoiets als flauwvallen zonder vallen. Ik word overmeesterd door paniek. Ik weet nu dat dit het moment is dat ik beschadigd word. Ik kan achteraf bijna voelen hoe het gif van zijn daad zich toen in mij genesteld heeft. Dan word ik weer een beetje wakker.

‘Ik voel sensaties in mijn mond, die gepaard gaan met misselijkheid en walging. Ik word me bewust van de situatie en van het gevaar, waarin ik verkeer. Ik heb maar één gedachte: weg uit die keuken. Mijn benen gehoorzamen blindelings aan dit instinctbevel. Het voelt als overlevingsdrift. Ik ontsnap.’

 

Was het werkelijk eenmalig?

Of ik in werkelijkheid maar een keer misbruikt ben, weet ik niet. Ik wantrouw mijzelf daarin. Ik weet, dat ontkennen en bagatelliseren van moeilijke zaken een tweede natuur van mij is. Daarnaast weet ik inmiddels dat veel overlevers geneigd zijn om de duur en ernst van hun misbruik te bagatelliseren.

Rouwen om het niet geleefde leven

De afgelopen weken voel ik meer en meer pijn. Ik voel steeds, hoeveel fijner mijn leven was gelopen, als ik mij volledig had kunnen ontplooien en hoeveel meer ik dan voor mijn omgeving had kunnen betekenen. Niet geleefd leven, waar ik nog volop om moet rouwen. Ik kom daar moeilijk overheen.

De laatste weken heb ik regelmatig pijndagen. Ze komen zo maar. Het is een verscheurende pijn, diep in mijn lichaam. Het voelt, alsof ik in duizend stukken lig. Een haast onverdraaglijke pijn. Het voelt als brokken pijn, die loslaten.

Blogs schrijven helpt

Het schrijven van deze blogs is heilzaam: ik kom met mijn verhaal naar buiten. Dat naar buiten brengen gaat snel: binnen een maand heb ik de zes blogs al klaar. Maar het gaat per blog steeds stroperiger en ik krijg steeds minder energie en steeds meer pijndagen. Ik moet door een flinke weerstand heen.

Een zinvol leven?

Mijn vrouw zegt, dat helen van je trauma’s ook een zinvol leven is, ook al kom je niet volledig tot ontplooiing. Dat is geen gemakkelijk, maar wel een uitdagend leven. Ik kan haar dat nog niet van harte nazeggen.

Ik weet wel dat het een bonus is, wanneer je als partners aan elkaar kan helen en zo naar elkaar toegroeit.
Jan van Gijn

Gastblogger Jan van Gijn: Het verhaal van mijn seksueel misbruik

Het verhaal van mijn sexueel misbruikJan van Gijn, gastblogger

Een reconstructie.

Triggerwaarschuwing: bevat details van het seksueel misbruik.

Herinneringen

Aan mijn jeugd had ik tot voor kort bijzonder weinig herinneringen. Flarden, die zich allemaal ver van ons huis afspeelden: bij school, de kerk, in de polder, mijn zwerftochten. Hoe ik zelf in die tijd was, hoe ik me voelde; ik had er geen flauw idee van.

Een vreemde uitzondering

Er was echter één uitzondering, één heldere herinnering. Het is zomer en ik lig klaarwakker in bed. Ik wacht tot het donker is. Dan sta ik op en klim bloot het raam uit. Over de plank boven de markies schuifel ik naar het muurtje tussen ons huis en dat van de buren en klim naar beneden. Ik loop naar de straat en voel me opgewonden: het is heel spannend. De wind voelt tintelend fris op mijn huid. Ik loop door de hele wijk heen. Bij iedere hoek is het spannend of er mensen aankomen. Soms gebeurt dat en dan duik ik weg in een tuin, achter de struiken.

Dat doe ik een hele zomer lang. Ik word niet betrapt. Het is geen onprettige, maar wel een vreemde herinnering. Een herinnering, die ik nooit kon plaatsen.

De deksel gaat er af

Pas zevenenvijftig jaar later komen de beelden van het misbruik zelf: de dader, de plaats, wat er gebeurde, mijn gevoelens op dat moment. Dat gebeurt volkomen onverwachts tijdens een EMDR-sessie. Deze zou gaan over een aanval door een agressieve hond, toen ik kleuter was. De beelden van het misbruik komen er dwars doorheen.

De geest is uit de fles

Door het verschijnen van de beelden is de geest uit de fles. In de maanden en jaren daarna komen brokstukken herinneringen en gevoelens uit die tijd naar boven in een steeds sneller tempo. Heel langzaam wordt het een samenhangend verhaal. Nog niet alle gaten zijn gevuld, maar er is genoeg om het verhaal te reconstrueren, geschreven vanuit mijn eigen beleving.

Een onschuldig begin

Ik ben zeven, ik kom thuis en zet mijn fiets in het schuurtje. Opa R., de buurman, staat in zijn tuin en vraagt me of ik een snoepje wil. Dat is niet iets bijzonders. Ieder kind uit de buurt weet dat je bij hem snoepjes krijgt. Hij vraagt me om binnen te komen. Ik loop met hem de keuken binnen en hij geeft me een snoepje.

Onraad

Dan doet hij de gordijnen dicht. Ik word vaag ongerust. Wat gebeurt er? Waar is zijn vrouw? Ik wacht af, onzeker, angstig. Hij praat op me in, probeert me gerust te stellen, maar dat lukt niet. Ik wil weg, maar hij staat groot voor de deur. Ontsnappen is niet mogelijk. Schreeuwen kan ik niet.

Seksueel misbruik

Hij laat zijn broek zakken. Ik zie zijn grote stijve piemel. Ik ben verlamd van angst. Volslagen in paniek. Zijn stem wordt dwingender, haast bevelend. Hij brengt mijn hoofd naar zijn piemel en zegt dat ik hem in mijn mond moet nemen. En dat ik moet zuigen. Ik gehoorzaam als een robot, mechanisch. Ik voel me misselijk worden. Mijn mond is zo klein en zijn piemel is zo groot. Ik stik er haast in.

Ik wil alleen maar weg. Zijn grote handen houden mijn hoofd vast als een bankschroef. Het gaat maar door, eindeloos. Dan voel ik een warme stroom in mijn keel. Nu moet ik echt kokhalzen. Hij laat mij los. Ik zie een mogelijkheid om te ontsnappen.

Vlucht

Ik denk maar één ding en dat is vluchten; ik ren de keukendeur uit en het hekje over naar onze tuin. Hij schreeuwt me na dat hij me zal vermoorden als ik tegen iemand vertel wat er gebeurd is. Als ik in onze tuin sta, kom ik een heel klein beetje bij zinnen. Ik zie de achterkant van ons huis. Het lijkt wel alsof die in dik plastic verpakt is: potdicht. Het is duidelijk dat ik daar niet naar toe wil.

Een mengeling van gevoelens

Ik voel paniek, ik voel me smerig, ik ben misselijk, ik voel me verschrikkelijk alleen. Waar moet ik heen? Ik weet het niet. Uiteindelijk draai ik me om en loop de tuin uit, dwaal rond door de buurt. Ik zie niets en hoor niets en denk alleen maar: lopen, lopen, lopen.

Toch naar huis

Als ik honger krijg, ga ik toch maar naar huis. Ik zeg niets en probeer me normaal te gedragen. Ik mag niets laten blijken. Ik weet zeker dat de buurman mij zal vermoorden als ik vertel wat er gebeurd is. Maar van binnen ben ik kapot. Een en al ontzetting, radeloos. Mijn ogen zijn opengesperd en mijn kaken zijn stijf op elkaar. Ik voel me vies, besmeurd. Zodra het eten op is, vlucht ik naar boven.

Het eerste jaar na het misbruik

Ik weken en maanden daarna doe ik krampachtig alsof er niets aan de hand is. Toch verandert er van alles. Mijn lichaam komt onder de zweren te zitten. ’s Nachts loop ik bloot over straat. Thuis houd ik het niet uit. Steeds ben ik als eerste op school en ik kom vlak voor het avondeten pas thuis. Ik zwerf doelloos door de straten en maak steeds langere wandelingen en fietstochten. Ik word stug en onbereikbaar.

Ik gedraag me vreemd en mijn oudste broer en zus pesten me daarmee. Als ik thuis ben doe ik het liefst urenlange knikkerspelletjes in mijn eentje. Ik ben waakzaam en probeer niet op te vallen. Dat lukt langzamerhand steeds beter. Maar van binnen ben ik kapot.

Terugkijkend op dat kind

Als ik me als volwassene in die kleine jongen verplaats, voel ik ontreddering, wanhoop en diepe eenzaamheid. Ik heb echt te doen met het kind dat ik toen was.

Jan van Gijn

Wie vangt je op als je seksueel misbruikt wordt?

Wie vangt je op als je seksueel misbruikt wordt?

We weten inmiddels allemaal wel dat seksueel misbruik meer voorkomt dat je denkt. Zo vaak zelfs dat mensen het moeilijk vinden om de officiële cijfers te geloven! Dat zijn schokkende feiten, dat 40% van onze meiden voor hun 18e een negatieve seksuele ervaring hebben. Maar liefst 10% van alle meiden krijgen te maken met ernstig seksueel misbruik, waarbij er sprake is van penetratie, gedwongen masturbatie of oraal contact. Maar wat ik ook heel schokkend vind, is dat maar liefst 70% van die meiden aangeeft dat ze niet goed opgevangen worden!

Opvang seksueel misbruik: de missende schakel

Opvang na seksueel misbruik is een belangrijke, missende, schakel. Het lijkt er op alsof we met zijn allen niet goed weten wat we er mee aan moeten. Dat is logisch want het is natuurlijk ook moeilijk. Als jouw kind of iemand die je goed kent seksueel misbruikt blijkt te zijn, wat doe je dan? Waar doe je goed aan? Moet je direct naar de politie, het AMK, moet je het ergens melden? Nog moeilijker wordt het als je alleen maar een vermoeden hebt. Als je een niet pluis gevoel hebt, maar je weet niet zo goed te duiden waar het over gaat. Dan denk je al gauw dat jij het fout hebt. Maar 40% betekent, dat je het maar al te vaak bij het juiste eind hebt.

Het zwijgen doorbreken

Als we seksueel misbruik willen oplossen dan zullen we onze gêne moeten overwinnen en het zwijgen rondom seksualiteit en seksueel misbruik zelf doorbreken. Van de kinderen kunnen we dat niet verwachten, die worden al van jongs af getraind in het stil zitten en doen wat de volwassene hen zegt. Een kind leren nee zeggen, is volgens mij erger dan nutteloos, het geeft ons een vals gevoel van veiligheid. ´Mijn kind zal nooit met een vreemde meegaan´ of ´Dat overkomt die van mij niet, die is mondig genoeg om van zich af te bekken´. Veel ouders van kinderen die seksueel misbruikt zijn hebben dit ook gedacht. Denk je heus dat jouw kind weerbaar is als het om volwassenen gaat? Als het om oudere kinderen gaat? Als ze opkijken tegen iemand?

Test je kinderen op hun weerbaarheid

Doe deze kleine test om te zien of ik gelijk heb. Zeg er desnoods bij dat het om een experiment gaat.

Vraag je kind eens om naar de deur te lopen. Vraag het vervolgens om weer te gaan zitten. Herhaal. Kijk eens hoe vaak je dit kunt herhalen zonder dat er protest komt.

  • En als je kind elke keer, als hij of zij dit doet, een snoepje krijgt?
  • Of een complimentje?
  • Of je dreigt met straf als hij of zij het niet doet?
  • Of iets anders waarmee je hem of haar kunt overhalen?

Blinde gehoorzaamheid is de vijand

Je wéét dat dit werkt, want zo voedt menigeen een kind op. Belonen als het iets goed doet: ´Knap kind, je hebt op het potje geplast’ Straffen als het iets doet dat je niet bevalt: ´Als je zo´n grote mond hebt, ga je maar even naar je kamer´ Ik ben niet tegen opvoeden, maar weet wel dat jij niet de enige bent die invloed heeft op jouw kind. Jouw kind gehoorzaamt om dezelfde redenen jou als elke potentiële misbruiker.

Als weerbaarheid niet werkt

Als weerbaarheid niet werkt (en we hebben net gezien waarom dat vaak niet werkt) helpt er nog maar één ding. Zelf waakzaam zijn, het beestje bij de naam durven noemen en zorgen dat je kind weet dat het altijd bij jou terecht kan.

En als het dan toch gebeurt?

Wie vangt de kinderen op? Meestal is het een vriendje of vriendinnetje die in vertrouwen genomen wordt, al zijn er ook veel kinderen die het nooit aan iemand vertellen. Weet jou kinder wat te doen als hij of zij dit van een ander kind hoort? Praat met je kinderen over seksueel misbruik. Want zelfs al is het niet jouw kind dat misbruikt wordt, de kans is heel groot dat er diverse misbruikte kinderen bij hem of haar in de klas zitten. Voorbereid zijn kan dan alle verschil maken.

Meepraten over opvang seksueel misbruik?

  • Wie ben jij in het leven van dat kind?
  • In het leven van die volwassene?
  • Weet jij wel hoe belangrijk je bent?
  • Hoe maak je dingen bespreekbaar?
  • Hoe vang je een kind op als het seksueel misbruikt is?
  • Wie vangt jou op als je dit van je kind hoort?

Deze en meer vragen spelen bij heel veel mensen. Daarom organiseer ik samen met Karin Höhle-Dikken een middag ‘Opvang seksueel misbruik’. Er zijn nog een paar plaatsen beschikbaar.

Lees hier meer over de middag ‘opvang seksueel misbruik’