Wat je in therapie kunt verwachten

Wat je in therapie kunt verwachten

Toen ik voor het eerst in therapie ging, had ik geen idee wat ik moest verwachten. Ik had vage ideeën in mijn hoofd over een bank waar je op kon liggen en dat je dan eindeloos je verhaal mocht doen. Inmiddels ben ik er wel achter dat het ook anders kan, dat het beeld dat ik over therapie in mijn hoofd had enkel geldt voor de Freudiaanse psychoanalytische therapie. Ik ben nooit in therapie geweest bij een psychoanalyticus en meestal zat ik gewoon op een bank of comfortabele stoel.

Wat je in therapie tegenkomt

Ik ben inmiddels in therapie geweest bij een enorme verscheidenheid aan therapeuten en kan wel zeggen dat een eenduidig ‘zo gaat het in therapie’ niet te geven is. Wél zijn er een paar kenmerken waar ik het over wil hebben. Vooral omdat het handig kan zijn om te weten, als je in therapie gaat.

In therapie: de intake

Alle therapeuten die ik heb meegemaakt, gaan eerst in gesprek. De intake kan soms gekoppeld zijn aan een eerste consult en soms staat het daar los van. Hoe een intake er aan toe gaat, kan heel verschillend zijn. Als mensen bij mij komen voor coaching, ga ik bijvoorbeeld gewoon met mensen in gesprek en ik heb in mijn hoofd wel een lijstje van dingen die ik wil vragen. Vaak komen die vanzelf aan bod, en als dat niet zo is vraag ik er naar. Ga je in therapie bij een grotere instelling, dan wordt de intake vaak gedaan door iemand anders dan waarbij je in therapie komt. Soms bestaat de intake dan uit één gesprek, soms uit meerdere gecombineerd met het invullen van allerlei tests.

De diagnose

In een reguliere setting ontkom je niet aan een diagnose. Alleen dan kunnen ze je een behandelplan aanbieden, dat dan past bij die diagnose (dat heeft te maken met de eisen van de ziektekostenverzekering). In de zogenaamde alternatieve sector is een diagnose veel minder gebruikelijk. Daar wordt gekeken naar wat je klachten zijn, wat je problemen zijn en hoe je daar aan kunt werken. Wél wordt er meestal een voorstel gedaan over het verdere verloop, door de therapeut.

Het behandelplan/voorstel

Afhankelijk van waar jij het meeste last van hebt en waar je hulp bij vraagt, komt er een voorstel op tafel te liggen, over hoe je daar aan kunt werken. Soms is dat een heel traject ineens (bij reguliere instellingen werken ze met een Diagnose-Behandel-Combinatie, daarop kun je alleen ja of nee kiezen) of het is een voorstel om eens een paar weken en bepaalde manier van werken te volgen en dan te evalueren. Het is belangrijk dat de manier van werken bij je past en een goede therapeut zal je dan ook de tijd en ruimte geven om over het voorstel na te denken.

Het plan of voorstel bevalt je en je gaat in therapie

De therapeut is verantwoordelijk voor het aanbieden van de methode. Dat kan van alles zijn: gesprekken in een bepaalde frequentie, schrijftherapie, teken- of schildertherapie, gestructureerde manieren om iets aan- of af te leren… etc. etc. Elke methode valt of staat met vijf dingen:

  • Of je je veilig voelt bij de therapeut
  • Of je er aan toe bent om je verleden onder ogen te zien
  • Of de therapie/methode bij je past
  • Of je de ruimte krijgt om het op jouw tempo te doen
  • Of je de klik hebt met de therapeut

Hoe kies je waar je in therapie gaat?

Als je een tweedehands auto gaat kopen, ga je eerst nadenken over wat jouw doel is met de auto. Wat ga je er mee doen? Als je op Zandvoort mee gaat doen met de achteruitrijraces heb je een ander doel met je auto, dan wanneer je er je caravan achter wilt hangen. Een gezin met 4 kinderen heeft misschien een grotere auto nodig dan een alleenstaande. Als je eenmaal weet waar je auto voor bedoeld is, dan heb je de keuze al behoorlijk ingeperkt. Voor een auto ga je daarna meestal bij een paar dealers langs. Je laat je informeren over de kenmerken van de verschillende merken, over hoe zuinig hij rijdt, etc.

Shoppen om in therapie te gaan is niet anders

Ik zou iedereen die in therapie gaat, aanraden om eerst goed na te denken over wat ze van therapie verwachten. Waar gaat het om?

  • Wil je bijvoorbeeld alleen van de klachten/symptomen af?
  • Wil je vooral je verhaal een keer vertellen?
  • Wil je je verleden een plekje geven, zodat je er geen last meer van hebt?
  • Wil je rouwen om het verleden?
  • Wil je iets anders?

Daarna heeft het zin om je eerst eens te oriënteren op wat voor soorten therapie er zijn. In welke therapie past bij jouw doel? Pas daarna kun je kijken welke therapeuten bij jou in de buurt met het soort therapie werkt dat voor jou passend is. Je kunt een ‘proefritje’ gaan doen, door een intake af te spreken. Als een therapeut voor jou passend is én hij of zij biedt het soort therapie aan wat jij prettig vindt, dan kun je in therapie gaan bij die persoon. Zo niet, dan zoek je gewoon verder.

Na een keer of vier/vijf

Als het goed is, stelt de therapeut na een keer of vier, vijf voor om te evalueren hoe het gaat. Als dat niet zo is, kun je daar zelf om vragen. Want als je na een paar keer merkt dat het toch niet werkt, of dat het te snel of juist te langzaam gaat, is het goed om dat bij te stellen. Tenslotte ga je voor jezelf in therapie.

Waar vind je een therapeut?

Een aantal therapeuten staat vernoemd op de website ‘Hulpverlening na seksueel misbruik’. Dit zijn allemaal mensen die specifiek werken met seksueel misbruikte klanten en dus ervaring hebben met de problemen waar jij mee te maken hebt.

Symposium ‘Wat wél werkt! Hulpverlening na seksueel misbruik’

In 2014 weer een Symposium!

Het Symposium in 2013, in Ede met 50 zorgprofessionals in de zaal, was inhoudelijk en organisatorisch een groot succes. Toch waren er lessen uit te leren, die we in de evaluatie en analyse ter harte hebben genomen. Het symposium was in 2013 vooral gericht op de reguliere zorg. Voor artsen, psychiatrisch verpleegkundigen en seksuologen hadden we accreditatie aangevraagd. Toch bleek meer dan de helft van de bezoekers daar geen gebruik van te maken. Sterker nog, de meerderheid van de mensen in de zaal waren ‘alternatieve’ hulpverleners.

Terugkijken en vooruitkijken

Accreditatie is dus blijkbaar niet de belangrijkste factor. Of iemand naar een symposium over seksueel misbruik komt, hangt van andere dingen af. Inhoudelijk scoorden we gemiddeld boven een acht met nagenoeg alle presentaties, daar kan je bijna geen verbetering in verwachten. De organisatie door D’ondersteuning kreeg zelfs een 9 gemiddeld. Kortom, hoe kun je zo’n symposium nog verbeteren?

Verbeterpuntje: Deelnemersaantallen

Het aantal deelnemers viel wat tegen. Dat is natuurlijk jammer als je een goed symposium neerzet en dat betekent dat de promotie van het Symposium echt beter mag. Bij analyse bleek dat de betaalde online promotie niet of onvoldoende gewerkt heeft. Beter ging het bij de persoonlijke werving. Mensen die wij in onze netwerken benaderd hebben, waren in de meerderheid. Een heldere boodschap via de website en de sociale media leverde ook e.e.a. aan deelnemers op. Dat geeft richting aan het promotieplan voor 2014.

Er is meer dan alleen reguliere hulpverlening

Wat verder nog opviel was dat de presentatie van Margreet Krottje, die een lans breekt voor hulpverlening die buiten de gebaande paden van DBC’s en protocollen durft te gaan, bijzonder hoog gewaardeerd werd. Langzaam werd het plan geboren om een symposium te organiseren in 2014 dat alternatieven in beeld brengt voor de reguliere hulpverlening. Dat idee nam vastere vormen aan toen, op het Symposium ‘Het verschil maken’ (en in het boek) van Sonja Leferink van Slachtofferhulp, duidelijk werd dat de meeste slachtoffers van seksueel misbruik hun hulp zoeken en vinden in het alternatieve circuit. Dat sloot overigens ook aan bij mijn eigen ervaring.

Het symposium ‘Wat wél werkt. Hulpverlening na seksueel misbruik’

Lien Daams van JeBesteBest en ik organiseren op 1 november 2014 in Zutphen een nieuw symposium. ‘Wat wél werkt! Hulpverlening na seksueel misbruik’ is gericht op hulpverleners, beleidsmakers, therapeuten en andere belanghebbenden. Met name ook de grote hoeveelheid zelfstandig professionals die zich op dit vlak inzetten. Om de deelname voor iedereen betaalbaar te houden vragen we geen accreditatie aan (je kunt dit eventueel wél zelf aanvragen bij je beroepsvereniging).

Best practice, leren van de ervaringen van anderen

We zijn op zoek gegaan naar actuele methoden die met succes ingezet worden bij de hulpverlening na seksueel misbruik. Onze zoektocht was naar ‘best practice’ voorbeelden van wat er in de praktijk van de hulpverlening na seksueel misbruik gewoon wérkt. Methoden en technieken die hun nut dagelijks in de praktijk bewijzen, zelfs al is er vaak geen wetenschappelijk onderzoek naar verricht. Dingen die je concreet en praktisch in jouw hulpverlening kunt integreren. Naar mijn mening zijn we daar uitermate goed in geslaagd. Maar vorm vooral je eigen mening, gebaseerd op de feiten: Het programma van het Symposium staat op hulpverlening na seksueel misbruik.

De hulpverlening als supermarkt

Iedereen weet waar hij of zij last van heeft

Niet iedereen weet of ze daadwerkelijk seksueel misbruikt zijn. Dat is waar. Maar iedereen weet waar ze last van hebben. Welke symptomen hen het leven zuur maken. Vraag een willekeurige cliënt waar zij het meeste last van hebben en ze hebben een antwoord. Voor de één is dat herbelevingen, een ander heeft juist last van depressieve gevoelens en een derde heeft vooral angsten. Soms weten mensen niet of ze seksueel misbruikt zijn en vinden ze het belangrijk om dat te weten te komen. Een goede therapie gaat in op de vraag van de cliënt. En laat mensen hun eigen antwoorden kiezen.

De hulpverlening als een supermarkt voor therapie

Voor elk van de symptomen van seksueel misbruik geldt, dat er tientallen soorten therapie zijn om daar overheen te komen. EMDR en trauma-therapie hebben mogelijk een plek in het helen van het trauma (vooral bij enkelvoudig trauma), maar de dilemma’s rondom intimiteit en seksualiteit, eetproblemen en sociaal maatschappelijke problemen los je daar niet mee op.

Er zijn geen eenvoudige antwoorden

Laten we elkaar niet wijsmaken dat er eenvoudige en eenduidige antwoorden zijn op helen van seksueel misbruik. Laten we het aanbod aan hulpverlening in de breedte zien als een soort supermarkt, waar ieder zijn eigen merk en product kiest. De metafoor doortrekkend, laten we labels creëren: wat zijn de ingrediënten van deze therapie? Wat zijn de bijwerkingen? Contraïndicaties: Welke allergenen zitten er in?

Wat staat er in de schappen?

In de schappen bij de hulpverlening staat therapie in alle soorten en maten. Als alles door elkaar staat heb je als cliënt geen overzicht. Dan is het dus handig als het therapie aanbod een beetje gesorteerd is. Op zijn minst moet duidelijk worden wat iemand doet en waar iemand aan werkt.

In welk schap moet je zoeken? Hulp van het ‘winkelpersoneel’

In supermarkten staan soms ook producten op een, voor de klant, onlogische manier bij elkaar. Als je ze maar kunt vinden, dat is het belangrijkst. Gelukkig maakt internet een goede bewegwijzering mogelijk. Je kunt daarbij denken aan vindbaarheid op klacht, op doel van de therapie, op werkwijze en zelfs op de financiering vanuit de verzekering. Als die gegevens te vinden zijn op de website van de aanbieder (het winkelpersoneel) zijn we al een heel eind.

Wat staat er op het label?

Helaas zijn we daar nog niet. Niet alle aanbieders op de ‘hulpverleningsmarkt’ hebben duidelijke informatie op hun website staan. Lang niet alle aanbieders zijn vindbaar via google. Hulpverleners die zijn gespecialiseerd in hulp bij seksueel misbruik zijn moeilijk te vinden. Ook zijn er nogal wat therapeuten die een klant met seksueel misbruik verleden weigeren, omdat ze daar niet mee om kunnen gaan. Handig om dat te weten voordat je een intake gaat doen.

Wegwijzer in Traumaland

Er zou een plek moeten zijn waar mensen die gespecialiseerd zijn in seksueel misbruik, hun aanbod kunnen plaatsen. Met alle ‘ingrediënten’ die op hun label thuishoren, zodat je als klant goede informatie krijgt. Dat is waarom we een nieuwe website zijn begonnen.

De nieuwe plek daarvoor heet….

‘Wat wél werkt! Hulpverlening na seksueel misbruik’

Wat wél werkt! Hulpverlening na seksueelmisbruik

Inmiddels hebben we ook aardig wat therapeuten en hulpverleners ‘in de schappen’ staan. Het aanbod in deze supermarkt is nog wat smal, maar wel gevarieerd. We zoeken altijd nog nieuwe hulpverleners die hier een bijdrage aan willen leveren.

Meer en meer informatie

Naast de informatie op het ‘label’ zijn er ook steeds meer gedetailleerde informatie over hoe bepaalde therapieën werken als ze toegepast worden bij seksueel misbruik. Noem het een bijsluiter. In elk geval is ook daar veel te lezen.

Ervaringsdeskundige hulpverlener, kom uit de kast!

Een oproep aan ervaringsdeskundige hulpverleners: Kom uit de kast!

Tijdens de lancering van mijn eerste boek kwam ze op mij af. Een jeugdzorgmedewerker die al jaren werkt met jongeren. Maar al te vaak zijn deze jongeren uit huis geplaatst vanwege seksueel misbruik. Ze vertelt mij dat zij ook seksueel misbruikt is, maar dat ze dit niet aan haar collega’s durft te vertellen.

“Als ervaringsdeskundige wordt je niet serieus genomen”

Ik hoor het vaker. Allerlei zorgprofessionals, begeleiders, hulpverleners die werken met misbruikte kinderen, zijn bang zijn om hun collega’s te vertellen dat ze zelf ervaringsdeskundig zijn. Ze zijn bang dat ze niet meer serieus genomen worden of zelfs ontslagen zullen worden. Alsof je deskundigheid als hoog opgeleide professional er dan niet meer toe doet.

De meerwaarde van ervaringskennis

Hoog opgeleide professionele hulpverleners die seksueel misbruikt zijn hebben een meerwaarde die niet te onderschatten is. Als zij die meerwaarde kunnen inbrengen zal de zorg daar wel bij varen. Want als ervaringsdeskundige hoor je meer, zie je meer, ben je je meer bewust van signalen, ook de ‘negatieve’ signalen. De dingen waar juist níet over gesproken wordt. Als professioneel hulpverlener kun je bovendien die signalen beter duiden dan iemand die alleen maar ervaringskennis heeft.

Ervaringsdeskundige professionals

 

Kom uit de kast. Laat je collega’s weten dat jij eerste hands kennis hebt van seksueel misbruik. Presenteer deze kennis als een meerwaarde. Ja, dat is kwetsbaar en ja, daar wordt niet altijd even goed op gereageerd. Maar ja, dat is precies wat jouw klanten ook overkomt als zij met hun verhaal naar buiten komen en ook daar kun je het over hebben met elkaar. Het is belangrijk want naast de meerwaarde is het er niet over praten een levensgroot risico.

Te weinig rugdekking

Elke hulpverlener heeft intervisie nodig, zeker als ze met seksueel misbruikte klanten te maken hebben. ‘Zie ik dit goed’ is een intervisievraag. Maar ook ‘Het raakt me, kun je mij even opvangen’ is een intervisievraag. Intervisie is je rugdekking en als jij niet uit de kast bent over jouw verleden van seksueel misbruik, wordt het lastig om die laatste vraag in te brengen. Doe dat lang genoeg en je gaat onderuit.

(on)Veilige organisaties

Dat brengt me terug bij de jeugdzorgmedewerker van de eerste alinea. Zij durft het niet te zeggen tegen haar collega’s. Dat betekent dat er een onveilige sfeer is in de organisatie. Het is namelijk niet dat ze er niet over kan praten, ze sprak er immers met mij over? Een onveilige organisatie is ook voor de cliënten geen prettige plek om te zijn. Voor hulp aan seksueel misbruikte klanten is openheid en veiligheid een voorwaarde.

 

Basiskennis voor elke hulpverlener

Hoe werk je aan openheid, veiligheid en lever je trauma-geïnformeerde zorg, ook aan jongeren? Het begint met voldoende kennis over seksueel misbruik. In mijn boek kun je de basiskennis vinden die elke hulpverlener zou moeten hebben over seksueel misbruik.

Hier te koop!

Werken aan veiligheid en openheid

Het is van belang om binnen de organisatie te werken aan de bespreekbaarheid van seksueel misbruik. Om het onderwerp regelmatig te agenderen en helder te focussen op de langetermijneffecten van seksueel misbruik en hoe die spelen bij jullie op de werkvloer. Daartoe verzorg ik interactieve trainingen en lezingen, toegespitst op de werksituatie bij jullie.

Boek hier een interactieve lezing of training